Geplukt uit de Dag

“De revolutionaire garde heeft mijn schelpjes gestolen.” – E.

“Ik zit in een tering opgefokte situatie die moeilijk te verklaren is.” – A.

“Geweldig nieuws! Na drie maanden piekeren heb je eindelijk een slechte beslissing over je leven genomen.” – L.

“Ik ben gelukkig. Opgewonden, enigszins uitgeput, enigszins onrustig. Onzeker. Verdrietig ook wel. Een beetje kwaad – en tegelijk verloren, bang. Maar over het algemeen gelukkig.” – I.

“We wouden toevallig even vaak bij elkaar zijn, en toevallig was dat altijd.” – Y.

“Ze zaten in de auto en ze haatten elkaar.” – S.

“Kan ik langer dan een dag gelukkig zijn?” – I.

“Hij was blij om ons te zien. Nee, wacht, ik zal voor mezelf spreken – Hij was blij om mij te zien.” – R.

She said she loved me, because I was either eccentric or professional.” – E.

“Beloofd, ik zal je nooit verlaten – ook niet als al mijn trauma’s zijn opgelost.” – Y.

“Wij wilden beroemd worden door wetenschap, administratie of kunst.” – K.

“Ik heb manneken Pis horen pissen, zo stil was het daar.” – S.

“Godverdomme, ge moet haar missen. Ik hoor het in alles wat ge zegt.” – J.

“Ik denk dat Brusselmans soms vrede neemt met wat hij doet.” – P.

“Dat Jezus Christusgevoel dat je zal sterven op je dertigste.” – K.

” ’t is altijd fijn als ge beseft dat ge van mij houdt.” – Y.

“We painted the kitchen black, so we could have funerals in there.” – A.

“Da’s het mooiste aan roken: ge geeft uw vuurtje door aan anderen.” – K.

“Noem het geen manipulatie, noem het onvrijwillige overtuigingskracht!” -Y.

“Als er op het einde van de avond nog strooikaas op tafel ligt, weet ge dat het een goeie dag is geweest.” -R.

“Als ge de schoppen twee laat vallen, kan alles.” – J.

“Ge belt met de foute mensen.” -Y.

“Je hebt mij leren kennen in mijn nachtkleed.” -I.

“Soms moet je een beetje genadeloos zijn.” – P.

“Maar dat verklaart het! Ik vertrek van het niets en gij vertrekt van de liefde.”

– S.

“Structure is sacrifice.” – S.

“Wanneer een kind beslist om zijn vingertje in de taart te laten vallen.” – L.

“Jullie jonge, knappe vrouwen, jullie blijven nooit lang alleen. Jullie lachen en leven in een naïef bubbeltje van aandacht en snappen niet dat die luxe niet geldt voor de rest van ons.” – Y.

I arrived by plane, but my soul arrived on foot.” – P.

I love her… sober.” – een meisje tegen haar vriendinnen op café

“Uzelf zien terwijl ge uzelf aan het wegcijferen zijt.” – M.

“Wanneer ik onverwacht zwanger word, is dat is dan wel een troost. Dat ik mijn kind ‘Stella’ kan noemen – dat past nog in mijn levensstijl.” – L.

The cat is dad.” – op een brug in Leuven

“Je kent mijn standpunt over vuilbakken.” -S.

“Het is een gevoelsmatig ascetisme.” – M.

“Ik die moet wakker blijven omdat jij niet kan slapen? De Heilige Oorlog Tegen Mijn Nachtrust, zo noem ik het.” -Y.

“Soms hebt ge zin in een koekske maar moet ge denken aan de taart.” -S.

“Maar praten met een ander, écht praten met een ander, komt vaak gewoon neer op wachten tot er iets komt.” -K.

“Mijn vrouw snurkt prachtig.” -G.

“Ja, hij is echt een schijtje.” -E.