Gedachtenschets: Brussel, en andere paradoxen

En daar sta ik weer, in het novemberdonker om half zeven, te roken aan het dakraam van ons appartement. Een schim in het gebouw aan de andere kant lijkt me aan te staren vanuit z’n zetel. De lichten branden er de hele nacht. Soms rookt een vermoeide verpleegster op de binnenkoer.

In Brussel leven wij, appartementsbewoners, kantoorwerkers, ziekenhuisresidenten, zo dicht op elkaar, raam boven raam, kamer naast kamer, slechts gescheiden door dikkere of dunnere prefab muren. Je zou denken dat we elkaar op den duur zouden herkennen, of toch tenminste elkaar ooit kruisen, elkaars doorleefde zuurstof in- en uitademen, zoals die, zeker in dit stormachtig weer, wordt voortgestuwd door de wind, schurend en huilend tussen kieren en gaten, alsof er haast bij is. Toch zijn onze levens even banaal als onontkomelijk gescheiden door de slecht geïsoleerde muren die ons leven afbakenen. Zo zit de donkere figuur aan het raam gekoppeld aan een zuurstofmachine, en blaas ik de rook uit die mijn longen verschroeit. Onze levens, omgekeerd gespiegeld. Slechts een paar meters gescheiden van elkaar, staren we naar het leven van de ander, en weten we niet of die ander ons zelfs ziet – als Brusselaar kan je nooit helemaal uitsluiten dat je bent gestrand in een nooit erkende Bermudadriehoek, waar algemeen geldende wetten, juridisch of fysisch, noodzakelijk scheefgroeien of zichzelf overwoekeren, waar elke mens leeft in z’n eigen parallel universum, in z’n eigen taal, en je jezelf afvraagt of je waanzinnig wordt, of dat het echt is, die ene zwerver met lichtgevende ogen, aan de Delhaize. Hier weet je het nooit.

Ik weet niet of de figuur aan het raam, vastgekluisterd aan machines en medisch personeel, nog recht heeft op de vraag: ‘Wil ik nog leven?’ Ik, jonge zesentwintiger met een gezond lichaam en slechts licht vermoeide geest, zoals het hoort, speel ermee. Door niet goed te kijken of er een auto aankomt als ik oversteek, door pillen te mixen op goed geluk, door te roken alsof ik zeven levens heb.

Ik blaas de grijze wolkjes in de donkere lucht. Wil ik nog ademen?

Als kind hyperventileerde ik snel. Ik ademde te hoog, en bij verwarring steeg die hoogte zo snel dat ik erin bleef steken, mijn kleine kinderborst op- en neerging; mijn mond, happend naar adem, mijn ogen groot van angst, mijn oren toe voor de sussende woorden van volwassenen. Ik moest mezelf leren ademen, traag in- en uit, zo diep dat mijn buik ervan ging opzwellen, met gedachten aan ballonnetjes, kalme zeeën, hoge plafonds. Moeilijk allemaal. Zeker als je dat moest combineren met al het andere (wiskunde, vervelende vriendinnetjes, vreemde filmpjes op Youtube met flitsende kleuren, ik zeg maar iets). Misschien is het dat wat mensen doet roken. Het maakt ademen gemakkelijk. Het diepe inhaleren van warm vuur, troostend, lichtgevend. Het uitademen, een bevrijding van wat je eruit wil roken, zoals de brandweer een agressief wespennest zou verschroeien. Ik rook, omdat ik mezelf wil zuiveren. Ik rook, omdat ik wil ademen.

Laatst drukte iemand mijn keel dicht, tot op het punt dat ik naar adem begon te happen. Hij deed het op mijn vraag. Maar hij durfde niet doorduwen. Ik heb er altijd van gehouden om vastgehouden te worden. Een ferme hand die me bij elkaar houdt, die me ondersteunt, die me laat voelen dat ik besta, te vatten ben. Ik neem aan dat taal, en deze specifieke woorden, die rol eveneens vervullen. Woorden als handen om mijn gedachten en gevoelens in te leggen, om mezelf in te wikkelen als een deken. Hoe hard wil ik vastgehouden worden, en hoe hard wil ik leven? Wil ik rust, een uitweg uit de rusteloosheid, of wil ik ademen?

Hoe diep ik ook inhaleer, koude lucht als schuurspons, of rook als warme gloed, er is altijd dat moment van paradox, van rusteloze nood aan beslissing, aan omkering, aan terug uitademen. Het wordt nooit simpeler dan nu. Tot en met die laatste keer. Kan je inademen, en dan sterven?

Het licht aan de andere kant is uitgegaan.

(2020)

Een reactie plaatsen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.